Aanpak klimaatverandering moet ook sociaal rechtvaardig zijn

Externe AuteurEnergie, Klimaat, Rechtvaardige transitie

Image

© Shutterstock

Van 6 tot 17 november 2017 vond in Bonn de 23e klimaatconferentie plaats. Het ACV, net als heel wat andere vakbonden en Europese koepels waren daar aanwezig. Want ook voor vakbonden is het een uitdaging om de verdediging van werkmensen te rijmen met de realiteit van klimaatverandering. Dat geldt zeker voor onze transportsector, die goed is voor 27% van de globale CO2-uitstoot.

TranscomInfo vroeg het aan Vanya Verschoore, coördinator van Arbeid & Milieu.

Waarom zijn de vakbonden vertegenwoordigd op een klimaatconferentie?
Vanya: Dat er drastische maatregelen moeten worden genomen om de klimaatverandering aan te pakken, daarvan is zowat iedereen intussen wel overtuigd. Maar nu komt de vraag, hoe we dat op een rechtvaardige manier kunnen doen voor werknemers en alle burgers. Daar zijn de vakbonden nu hard aan het werken. De Europese vakbondskoepel ITUC heeft hiertoe het ‘Just Transition Centre’ opgericht, met als doel waardig werk en eerlijke lonen te verzekeren in een nieuwe economie met groene jobs. ITUC berekende al dat er zo’n 90 biljoen dollar aan investeringen nodig is om tegen 2030 de basis te leggen voor een toekomst met nuluitstoot. Deze investeringen zullen ook nieuwe jobs creëren. Men spreekt van een netto groei van 48-60 miljoen jobs op wereldschaal.

‘Spoorvakbonden zijn de klimaatactivisten van de 21e eeuw’, zei Naomi Klein. Wat bedoelde ze?
Vanya
: Wereldwijd is het vervoer van mensen en goederen verantwoordelijk voor bijna een derde van alle CO2-uitstoot. Intussen slibben onze wegen ook nog dicht en zorgt fijn stof in de steden voor heel wat gezondheids-problemen. We moeten dus nadenken over alternatieve  transportmiddelen en voor het woon- werkverkeer en personenvervoer is het duidelijk dat openbaar vervoer een cruciale rol zal spelen. De trein is met ruime voorsprong de meest ecologisch verantwoorde vorm van mobiliteit, alleen de fiets doet beter. Daarom pleiten ook de milieubewegingen voor serieuze investeringen in het openbaar vervoer. IJveren voor openbaar vervoer is met andere woorden ijveren voor het klimaat.

Intussen heeft Europa wel de liberalisering van het reizigersvervoer per spoor goedgekeurd. Dat lijkt helemaal in te gaan tegen de noodzaak van goed openbaar vervoer?
Vanya
: Mobiliteit is ook voor de milieubeweging een basisbehoefte. Dat moet betaalbaar, toegankelijk, comfortabel, efficiënt en veilig zijn voor de gebruikers. De werknemers moeten verzekerd zijn van goede arbeidsomstandigheden en sociale rechten. Om beide te garanderen, is het noodzakelijk dat de overheid deze sector op zijn minst heel sterk blijft reguleren, en zo nodig, ook in eigen beheer houdt. De bestaande voorbeelden van liberaliseringen van openbaar vervoer hebben niet bepaald geleid tot een betere dienstverlening. Langs de andere kant zien we dat de grens tussen openbaar en georganiseerd collectief vervoer zal vervagen door de opkomst van ritdelen en allerlei vormen van gedeelde mobiliteit . De discussie wordt dus best niet gevoerd vanuit de vraag wie de vervoersmiddelen bezit, maar wel vanuit de vraag welke maatschappelijke doelstellingen alle leveranciers van mobiliteitsdiensten moeten verwezenlijken, of ze nu privaat zijn of openbaar.

Wat met het internationaal spoorvervoer? Vandaag is het vaak zo dat je voor een treinticket naar pakweg Madrid een veelvoud betaalt van een vliegtuigticket.
Vanya: Het Europees spoorvervoer kan en moet een heel pak meer, sneller en efficiënter. Hier liggen volgens mij ook nog heel wat mogelijkheden naar werkgelegenheid. Anderzijds moeten subsidies voor de vervuilende sectoren worden afgebouwd, die de soms absurd goedkope vliegtickets – waar overigens ook geen btw op gehoffen wordt - mogelijk maken. Wij pleiten onder meer voor duurdere emissierechten en een btw-heffing op kerosine en vliegtuigtickets. Maar natuurlijk kunnen deze zaken enkel binnen een Europees kader worden aangepast. Dat kan een land niet alleen, of het zou zichzelf volledig wegconcurreren uit de markt, met als slachtoffers de werknemers. Dat kan niet de bedoeling zijn. Als minder mensen zouden gaan vliegen wanneer de tickets duurder worden, moet je ook bekijken wat de impact daarvan zal zijn op de tewerkstelling.

Loop je ook niet het risico om van reizen een ‘privilege’ te maken?
Vanya: Inderdaad een belangrijk aandachtspunt. Als vliegtickets een pak duurder worden vanuit het principe ‘de vervuiler betaalt’, moeten er waardige alternatieven zijn voor de reizigers! Want ook daarover gaat het idee van een eerlijke transitie: iedereen moet meekunnen. Je kan bijvoorbeeld ook een algemene kilometerheffing invoeren op onze wegen, maar we moeten ervoor zorgen dat de wagen daardoor niet een privilege van enkelen wordt.

Ook het goederentransport heeft een immense impact op het milieu. Producten reizen de hele wereld rond. Is dit houdbaar?
Vanya
: (kort en krachtig) Nee. Het aantal kilometers dat een product aflegt voor het in onze winkelrekken terecht komt, is hallucinant. Mensen moeten zich er bovendien van bewust worden dat de enorme afstanden die producten afleggen voortkomt uit een economisch systeem dat armoede en ongelijkheid creëert. Om hogere winsten te krijgen wil men per se de productie van onze smartphones en kledij of de teelt van groenten en bloemen in een lageloonland uitvoeren. Maar die grote agro-industrie neemt intussen wel kostbaar land en water in van lokale boeren en de arbeidsomstandigheden van werknemers in de fabrieken zijn vaak schrijnend. We zullen in de toekomst hoe dan ook moeten nadenken over een lokale productie, verwerking en distributie. Onze havens en luchthavens kunnen niet blijven groeien.

“We moeten concurrentieel zijn door de arbeidsomstandigheden elders te verhogen in plaats van ze hier steeds te verlagen. Voor werknemers wereldwijd én het milieu.”

Vanya Verschoore, coördinator A&M

Voor ons betekenen die uitbreiding van havens en luchthavens wel meer jobs.
Vanya: Ja, en toch vrees ik dat we die jobs zullen moeten ‘hertekenen’. De scheepvaart is één van de snelst groeiende bronnen van CO2-uitstoot en zal tegen 2050 goed zijn voor 17% van de wereldwijde uitstoot. Toch blijft de Internationale Maritieme Organisatie een akkoord rond een uitstootreductie voor zich uitschuiven. Op korte termijn zijn er nochtans enkele technologische oplossingen voorhanden om de scheepvaart te verduurzamen. Maar zoals gezegd, we zullen uiteindelijk moeten komen tot een meer lokale economie. Om bedrijven in eigen land of minstens Europa te houden, schermen overheden graag met ‘concurrentiekracht’. Daar is niks mis mee, maar we moeten concurrentieel zijn door de arbeidsomstandigheden elders te verhogen in plaats van ze hier steeds te verlagen. Voor werknemers wereldwijd én het milieu.

Hoe kunnen we het wegvervoer duurzamer maken?
Vanya: In eerste instantie is er zeker nog heel wat efficiëntie te halen in bijvoorbeeld een slimme logistiek. Daarnaast bestaan er al heel wat technologieën zoals waterstof en elektriciteit als alternatieve, duurzame brandstof. Maar het is voor een groot stuk een politieke keuze. Momenteel gaan er nog altijd veel meer subsidies naar onderzoek naar kernenergie dan naar echte duurzame brandstoffen. Ook geloof ik dat er veel meer transport kan gebeuren via binnenwateren en spoorwegen. Die modal shift is trouwens al bezig. En er moeten oplossingen komen voor de zogenaamde ‘last mile’ van goederen.

Wat kunnen wij als transportvakbond doen om zowel het klimaat als de werknemers een dienst te bewijzen?
Vanya: Als vakbond hebben jullie de macht om te wegen op het beleid. Een eerlijk mobiliteitsveld, een rechtvaardige beprijzing en de modal shift naar duurzame vervoersmiddelen en nieuwe jobs. Daarnaast geloof ik sterk in de samenwerking met andere partners, zoals de milieubeweging. En in het bewegingswerk op de werkvloer. Jullie militanten kunnen ook in hun bedrijf een verschil maken door collega’s te sensibiliseren of projecten op te zetten. Een mooi voorbeeld hiervan is het energiebesparingsproject dat de werknemers van Lineas uit de grond stampten. Militanten die zelf aan de slag willen kunnen voor advies en inspiratie steeds bij Arbeid & Milieu terecht.

Interview:  TranscomInfo